Partager

Salle de presse

Nederland moet meer doen om werknemers met psychische gezondheidsproblemen te ondersteunen, zegt de OECD

 

01/12/2014 - Nederland moet werknemers met psychische klachten beter ondersteunen en de beperkte kennis en het aanhoudende stigma rond deze problemen aanpakken, aldus de OECD.

 

Volgens het nieuwe rapport Mental Health and Work: The Netherlands heeft een derde van de mensen in de WW, WWB en WIA psychische problemen als stress, depressie of angststoornis. De OECD schat dat psychische gezondheidsproblemen de Nederlandse economie 20 miljard euro per jaar kosten, door verminderde productiviteit van werknemers, en uitgaven aan de gezondheidszorg en sociale zekerheid.

 

In Nederland bedraagt de arbeidsparticipatie van mensen met psychische klachten 68%, dat is relatief hoog in vergelijking met andere OECD landen. Het ziekteverzuim van deze mensen is echter een derde hoger dan in andere landen, ondanks sterke prikkels voor Nederlandse werkgevers om ziekteverzuim te beperken. Vroegtijdige actie op de werkplek is noodzakelijk om te voorkomen dat werk gerelateerde problemen leiden tot verminderde gezondheid, lagere productiviteit en mogelijk zelfs tot het verlaten van de arbeidsmarkt.

 

Overheidssteun voor WW’ers en bijstandsgerechtigden die door psychische gezondheidsproblemen niet kunnen werken is ontoereikend. UWV en gemeenten moeten samenwerken met geestelijke zorgverleners en zo snel mogelijk na baanverlies ondersteuning bieden. Dit kan een verdere verslechtering van de gezondheid voorkomen en het risico op langdurige werkloosheid beperken.

 

Ook in het onderwijs is vroegtijdig ingrijpen nodig. Jongeren met psychische problemen verlaten school op jongere leeftijd en zijn vaker werkloos. Het Nederlandse schoolsysteem biedt een goede structuur voor leerlingen met sociaal-emotionele problemen, maar het gebrek aan middelen zorgt ervoor dat de aandacht voornamelijk uitgaat naar leerlingen met ernstige problemen. Om kinderen met geestelijke gezondheidsproblemen te helpen zijn preventieve activiteiten op scholen gewenst. Bovendien hebben jongeren met psychische klachten meer ondersteuning nodig bij de overgang van school naar werk.

 

Huisartsen en geestelijke zorgverleners worden in Nederland niet aangemoedigd om werk te betrekken bij het behandelingsproces. Ook vindt er geen afstemming plaats tussen bedrijfsartsen en andere zorgverleners. Andere landen zijn succesvol in het experimenteren met geïntegreerde dienstverlening op het gebied van werk en zorg, bijvoorbeeld door kennis over de werkplek in te bouwen in zorgpraktijken. De aanstaande decentralisatie van verantwoordelijkheden naar de gemeenten biedt mogelijkheden om een geïntegreerde aanpak op lokaal niveau te ontwikkelen.

 

In de afgelopen twee decennia hebben in Nederland belangrijke beleidsveranderingen plaatsgevonden. In aanvulling daarop adviseert de OECD Nederland om:

  • Wetgeving aan te scherpen en de toepassing van de wet door werkgevers te monitoren, om het ontstaan van psychische klachten op de werkvloer tegen te gaan en voldoende ondersteuning te bieden aan werknemers met psychische problemen.
  • Het re-integratiebeleid van UWV te verbeteren zodat cliënten met psychische gezondheidsproblemen betere ondersteuning krijgen.
  • Scholen aan te moedigen om activiteiten te organiseren gericht op preventie en jongeren met psychische problemen beter te ondersteunen in de transitie van school naar werk.
  • Kennis over werk in te bouwen in zorgpraktijken en te experimenteren met geïntegreerde dienstverlening op het gebied van werk en zorg.

 

Voor meer informatie kunnen journalisten contact opnemen met Veerle Miranda (tel. +33 1 4524 1873 / veerle.miranda@oecd.org) of Iris Arends (tel. +316 1443 7814 / iris.arends@oecd.org), de auteurs van het rapport, of Spencer Wilson van de OECD persafdeling (tel. + 331 4524 8118). Voor een kopie van het rapport kunnen journalisten contact opnemen met news.contact@oecd.org.

 

Documents connexes